Geacht college,
Namens mijn cliënt, de heer Snel, exploitant van het pand Achterdam 3-5 aan de Achterdam, richt ik mij in bovengemelde kwestie tot u omtrent het navolgende.
In bovengemelde kwestie heeft de rechtbank op 18 december 2018 uitspraak gedaan en de uitspraak is duidelijk. De burgemeester is nagenoeg op alle punten waartegen cliënt beroep in heeft in het ongelijk gesteld. De werkwijze van de burgemeester heeft ertoe zorg gedragen dat cliënt ernstige schade heeft geleden en nochtans leidt.
Middels dit schrijven stelt cliënt u aansprakelijk voor de geleden schade alsmede nog te leiden schade vanwege de weigering van zijn aanvraag en de handelswijze van de burgemeester die tot deze weigering van de aanvraag heeft geleid. De handelswijze van de burgemeester in dezen is dusdanig laakbaar dat van onrechtmatig handelen gesproken kan worden. Voor een uitvoerige beschrijving van het onrechtmatig handelen verwijs ik naar het bezwaar- en beroepschrift in bovengemelde procedure.
Bij een bezettingsgraad van 85% leidt cliënt thans jaarlijks een bedrag ad 27.404 excl BTW aan schade. De schade kan beperkt worden door cliënt zo spoedig mogelijk alsnog een vergunning af te geven. Via de ambtelijke organisatie is aan mij medegedeeld dat de burgemeester geen aanleiding ziet om cliënt alsnog in de gelegenheid te stellen in aanmerking te komen voor een vergunning In dit verband vorder ik namens cliënt een totaalbedrag ad € 82.212 ex BTW. Mocht u tot afwijzing van deze aansprakelijkstelling overgaan dan zal een civiele procedure volgen.